Toespraak (door Phons Bakx, midden) aan het publiek alvorens Mondharptio Aubergine
overging tot de  presentatie van de 4-delige CD-doos De Souterrain Sessies
 (op 1 maart 2009, Galerie Revolution 10.000… Middelburg)

 

“Ik heet u allen hartelijk welkom op de presentatie van de SOUTERRAIN SESSIES, een mondharpconcert door het Mondharptrio Aubergine dat tegelijkertijd verbonden is met
de première van 4 CD’s met nieuwe mondharpmuziek.

 

Mondharptrio Aubergine kwam in 2006 voort uit Mondharpduo Aubergine: mondharpspeler Janus Filius voegde zich bij het bestaande duo Izz van Elk & Phons Bakx. Het drietal was bijvoorbeeld gevraagd om het 5e Internationale Congres van de Mondharp in het nieuwe Amsterdamse Muziekgebouw aan ’t IJ, te openen met een inauguratieconcert.

 

De Souterrain Sessies houden een uniek en uitgebreid onderzoeksproject in, dat in de tijd tussen 9 april 2008 en 14 januari 2009 door Mondharptrio Aubergine werd opgezet. In die tijdspanne speelde het trio tijdens 21 afzonderlijke avonden, 301 improvisaties met mondharpmuziek. Daarmee vulden zij tegelijkertijd een reeks van 21 verschillende CD’s. De totale lijst en boekhouding van al die sessies + die 21 CD’s zelf, vindt U hier aan de wand terug als eenmalige expositie-overzicht aan de wand terug.

 

De Souterrain Sessies werden digitaal op band vastgelegd en leverde in totaal 17 uur, 14 minuten en 14 seconden aan onvervalste mondharpmuziek op. Het belangrijkste hoofddoel van dit muziekproject was het zoeken naar nieuwe klankcombinaties voor drie mondharpers. Of beter gezegd: voor driestemmige mondharpmuziek.

 

De vier CD’s van de Souterrian Sessies tonen eigenlijk het ‘topje van een grote ijsberg’. Een ijsberg die onderaan buiten het gezichtsveld ligt maar op deze presentatie hier aan de muur toch gedeeltelijk te bezichtigen is.

De volgende resultaten werden geboekt: er ontstonden 251 verschillende drieklanken,
30 verschillende tweeklanken en 20 verschillende éénklanken. Onder drieklanken wordt niet alleen verstaan drie mondharpen die tegelijk doorklinken, maar sterker nog drie mondharpen die verschillend zijn gestemd. Bij de tweeklank gaat het om twee verschillende gestemde mondharpen in een groep van drie spelers (Dus hebben binnen een trio twee spelers eenzelfde toonhoogte). Voor de éénklank geldt dat de mondharpers alledrie een mondharp bespelen van gelijke toonhoogte. ‘Unisoon’ of ‘prime’ is de algemene muziekterm daarvoor.

 

Zo ik u zei: er werden 301 mondharpimprovisaties op band vastgelegd. Als ze allemaal enigszins harmonieus en gedegen hadden geklonken, hadden we hier beslist te maken met een presentatie van 21 CD’s. Maar dat is niet zo. Want het grootste deel ervan werd niet geschikt geacht voor publicatie. Er werden in totaal 73 opnamen uitgeselecteerd en op 4 CD’s geplaatst. Dat staat gelijk aan een totaal van 4 uur, 22 minuten en 34 seconden met eigenzinnige en maar heel verkwikkelijke mondharpmuziek.

 

4 CD’s

Gaande langs alle 4 CD’s, blijft het klankspel zich zeker wel voortdurend veranderen. Op elke CD klinkt er in 1 of 2 nummers ook een ander gast-instrument mee, dat telkens door Izz van Elk bespeeld wordt.

= CD 1 is voor het oog in het rood ontworpen, is zogezegd het lente-traject.. Deze bevat een aantal arrangementen uit het repertoire van 2006 dat er in opgenomen werd, aangevuld met een handvol, eerste improvisaties. Temidden van de mondharpen is er éénmalig het gast-instrument te horen van een Afrikaanse keramische slagpot.

= CD 2 verschijnt in een groen ontwerp, ontstaan in het traject van de zomer…, en verklankt voor het eerst de vele onbekende en smalle paadjes die het drietal bewandelt tijdens 1-, 2- en 3-stemmige improvisaties. Gast-instrument is de berimbau, een muziekboog uit Brazilië.

= CD 3 is het blauwe ontwerp, geheel omsloten door het herfst-traject. De improvisaties vertonen heftigheid en atonaliteit, ze ademen een eigen klanktaal en lyriek. Gast-instrument is een Ierse lijsttrommel.

= CD 4 is de gele CD, ontstaan in het winter-traject. Misschien is een geleidelijkheid van de improvisaties een meest opvallend kenmerk. Het gast-instrument is de Zwitserse hang.

 

Tussen 2006 en 2008 bevatte ons repertoire maar twee muziekstukken waarin de mondharp driestemmig werd opgevoerd. Het overige was één- en tweestemmig. Met driestemmig bedoel ik niet dat alleen dat er drie mondharpen op één-en-hetzelfde moment doorklinken, maar dat bovendien elke van de drie mondharpen een andere toonsoort voortbrengt. “3-toonsoortig” zou ik eigenlijk moeten zeggen. We wisten dat er een bepaalde moeilijkheidsgraad om de hoek zou komen kijken als we meer 3-stemmig wilden gaan spelen. Alles wat 2-stemmig klonk beduidend eenvoudiger en was bovendien veel dansanter en ook veel onstuimiger.

 

13”

Ten aanzien van die driestemmigheid lag een enorm groot werkterrein voor ons open.

Want wàt zijn de mogelijke klankcombinaties voor 3 mondharpers als zij elk gebruik maken van 13 verschillend gestemde mondharpen. Ik noem hier het aantal 13 omdat er 13 verschillende toonsoorten in één octaaf zitten. De rekensom leidt ons naar 13 maal 13 maal 13 klankcombinaties wat gelijk staat met 2197 verschillende muziekstukken. Maar de rekensom is niet geheel duidelijk, want in dat aantal zitten de twee- en éénstemmige combinaties ook inbegrepen, en het betrof een ontdekkingstocht naar 3-klanken.


De berekening liet ook zien dat al die combinaties ook in zes verschillende toerbeurten aan ons voorbij zouden komen. Als we drie willekeurige mondharpen benoemen tot a, b en c dan hebben we volgens die berekening te maken met deze combinaties:
1. a-b-c / 2.  a-c-b / 3. b-a-c / 4. b-c-a / 5. c-a-b /  6. c-b-a.

U ziet het: het zijn telkens dezelfde mondharpen, alleen is hun positionering steeds verwisseld. Hoeveel combinaties blijven er dan nog over als elke combinatie in plaats van 6 keer, maar één keer zou worden beproefd? In theorie blijven er dan nog zo’n flinke 366 over.

 

Toch waren wij niet een groepje dat bezig was een natuurkundig project te onderzoeken naar alle mogelijke frequenties tussen drie trillende klankveren, en daarover uitvoerig wetenschappelijk verslag uit te brengen. Nee, we zijn gewoon liefhebbers van de uiterst minutieuze en zeer moeilijk
te beheersen toonkunst die in het mondharpspel schuilgaat. Wij zijn zeker geïnteresseerd in een nieuwe soort mondharplyriek, en dat geldt in de eerste plaats voor ons eigen gehoor. Maar onze zoektocht impliceerde ook een bepaalde vernieuwing in de boventoonkunst van het traditionele mondharpklankspel. In zover ons bekend, wordt in de wereldomvattende tradities van het mondharpspel zelden of nooit meerstemmigheid toegepast, en zeker geen driestemmigheid. Daarom verbinden we aan dit Manifest van de Driestemmigheid ook
een term als “wereldpremière”.

 

Naar mijn inziens vormt een grote bijzonderheid van de Souterrain Sessies dat het muziek is
waarover geen afspraken bestonden of werden gemaakt. Los van de aanwijzing vooraf welke toonsoorten werden gebruikt, lag de invulling ten aanzien van ritme, tempo en thema volledig in ieders eigen hand van de drie spelers. Afgezien van enkele vroegere composities die op de
eerste rode CD werden geplaatst, is voor de rest de muziek op alle CD’s volledig geïmproviseerd.

 

De Souterrain Sessies zijn op 21 afzonderlijke avonden ontstaan in het souterrain van een
voormalige broodbakkerij in Goes, gelegen aan de ´s-Heerhendrikskinderendijk nummer 11.

Begindatum was 9 april 2008 / einddatum was 14 januari 2009.

Wij namen alles zelf op een digitaalrecorder op.

 

U zou zich kunnen afvragen waarom wij, i.p.v. doorgingen tot 301, juist niet doorgingen tot het aantal van 366. Het antwoord verluidt dat we ons niet echt behoefden te houden aan het theoretische kader. Onze verkenningstocht was toch voornamelijk gericht op het vinden van een nieuwe lyriek, poëtisch van inhoud. Bovendien bleek dat het vinden van nieuwe spelfiguren niet onuitputtelijk is, want het behoorde zeker tot onze voornaamste aandachtspunten dat we blijvend nieuwe klankvormen wilden produceren. Ik zou u kunnen zeggen dat de eerste drie trajecten, die naar het samenstellen van de eerste drie CD´s brachten, ons vrij gemakkelijk afgingen.

Het vierde traject, het traject van de winter zogezegd, op weg naar CD 4, verliep daarentegen stroever en ook veel langzamer. Ik vermoed dat er van tijd tot tijd vermoeidheid ons parten speelde. Maar dat wil zeker niet zeggen dat CD 4 een mindere CD zou zijn. Integendeel, evenals de drie andere groeide ook CD 4 uit tot een mooie bloemlezing van driestemmige mondharpmuziek.

 

In deze presentatie voel ik mij geroepen U ook een en ander te vertellen over de
musicologie van de mondharp. Want enkele toelichtingen kunnen u helpen het geluid van het instrument beter te begrijpen.

Allereerst maak ik een tweedeling, want de Souterrain Sessies zijn gebaseerd op het samengaan van een micro-klankwereld met een macro-klankwereld.
1: de macro-klankwereld. In principe is een mondharp op één toonhoogte gestemd en kan in die zin worden vergeleken met één toets van de piano. 13 verschillende gestemde mondharpen komen dan overeen met 13 toetsen van een piano en zo één octaaf te omsluiten. Dus 12 halvetoonsafstanden worden door 13 toetsen omsloten. -- In theorie hebben wij gebruik gemaakt van dit systeem van de pianotoetsen, het zogeheten systeem van de “gelijkzwevende temperatuur”, want deze heeft geleid tot onze inspiraties van driestemmigheid, en het systeem leerde ons bovendien veel over de karakteristieken van de toonintervallen: de secundes, de tertsen, de kwart, de kwint, de sexten, de septen, het octaaf en de none, om ze maar globaal te noemen. Niet vergeten de lang-verguisde tritonus er ook bij te vermelden. Ja, éénmaal zelfs maakten Janus en Izz tijdens deze Sessies zelfs gebruik van het verminderde trédecime-interval, een interval dat 19 halve tonen omsluit.


2: de micro-klankwereld. Het bleek altijd van belang om aan het begin van een mondharpconcert iets te zeggen over de aard van de mondharpklank. Mondharpmuziek is boventoonmuziek. [….]

Met het project van de Souterrain Sessies betekende niet dat wij drieën met alle, verschillend gestemde mondharpen die we in huis hadden, alleen maar aan het werk gingen…, nee,
het betekende ook dat wij alle eigen creativiteit in het klankspel moesten zien te leggen,
zolang de voorraad maar strekte…”

 

Ik wil graag terug vanwaar ik kwam